De casus is gebaseerd op een uitspraak van de rechter, de namen en situatieschets zijn fictief.

De relatie tussen Bart en Elise komt na een aantal mooie jaren onder druk te staan, en in 2005 besluit Bart ergens anders te gaan wonen. Elise gaat zo gebukt onder de situatie dat ze in 2006 haar baan heeft opgezegd. In 2007 wordt de scheiding uitgesproken en komt Elise werkeloos in de bijstand. Bij de gemeente geeft Elise aan dat ze door Bart is gedwongen haar baan op te zeggen en ze niet kon voorzien dat er een scheiding op handen was. De gemeente concludeert daaruit dat Elise onvrijwillig werkeloos is en geeft haar een bijstandsuitkering. De gemeente klopt vervolgens aan bij Bart voor “bijstandsverhaal”. De gemeente verhaalt €682 per maand op Bart als compensatie voor de bijstand die ze uitkeert aan Elise. Bart verweert zich daartegen. Hij vindt dat Elise op eigen initiatief haar baan heeft opgezegd, en dat de gemeente te weinig heeft gedaan om ervoor te zorgen dat Elise weer een baan zou vinden. Bart stelt dat Elise best in haar eigen levensonderhoud kan voorzien en weigert de betaling aan de gemeente te voldoen. De gemeente start een proces tegen Bart.

Hoe oordeelt de rechter, is Bart verplicht het bijstandsverhaal aan de gemeente te voldoen?